Na de actieve behandeling moeten de tanden en kiezen nog 'vastgroeien' in de nieuwe stand, dit proces wordt ondersteund met een retentiebeugel. Er bestaan vaste en uitneembare retentiebeugels.
Door het kauwen en door de druk die je wangen en lippen op je gebit uitoefenen kunnen je tanden en kiezen gaan bewegen. Soms lijkt het of de tanden en kiezen terug willen naar hun oorspronkelijke positie - de positie die ze hadden voordat de behandeling begon.
Er zijn verschillende types retentiebeugels, de meeste zijn uitneembare beugels. Er bestaan ook vaste retentiebeugels, deze worden ook wel retentiespalk genoemd.
Uitneembaar : De orthodontist bepaalt het aantal uren dat de retentiebeugel gedragen moet worden. Over het algemeen kan de beugel in de loop van de tijd steeds minder uren worden gedragen. Dus in het begin bijvoorbeeld nog dag en nacht, en daarna alleen nog 's nachts.
Hoe lang je de retentiebeugel moet dragen hangt af van de stabiliteit van je tanden en kiezen. Je kunt dit ook zelf voelen: als je bij het inzetten van de beugel een spanning op je tanden voelt dan betekent dit dat je tanden nog steeds de neiging hebben om een andere positie in te nemen. Van tijd tot tijd zal de orthodontist of de tandarts controleren hoe het gaat.
Bij het tandenpoetsen moet je de retentiebeugel uit je mond nemen en voorzichtig schoonmaken. Dit kun je gewoon met je tandenborstel doen. Wanneer je de beugel niet de hele tijd hoeft te dragen kun je deze het beste bewaren in een goed afsluitbaar plastic doosje.
De retentiespalk is een aan de binnenzijde van de tanden geplakte draad. Meestal loopt de draad van hoektand tot hoektand. De draad wordt met lijm (vergelijkbaar met de lijm waarmee slotjes worden vastgelijmd) op de tanden geplakt.
Bij dit type retentiebeugel is goed poetsen en halfjaarjaarlijkse controle door de tandarts of orthodontist belangrijk. Bij het poetsen kan het handig zijn om een extra klein borsteltje te gebruiken, en eventueel speciale tandenstokers of tandzijde.
Als de orthodontist besluit geen afspraak voor controle meer te maken begint de nazorgperiode. In deze periode is de rol van de orthodontist passief: hij moet bereikbaar zijn als zich problemen voordoen. Ook in deze fase is een goede samenwerking van patiƫnt, tandarts en orthodontist essentieel. Met de tandarts worden afspraken gemaakt over eventuele (gedeelde) verantwoordelijkheid voor controles tijdens de retentie- en nazorgperiode.
In eerste instantie wordt bijvoorbeeld een afspraak gemaakt na een maand, als alles goed gaat en er geen problemen zijn, volgt na een half jaar opnieuw een afspraak. In de periode kort na de behandeling zullen het snelst veranderingen optreden. Bij het geringste gevoel van verandering van tandstand moet je een afspraak maken met de orthodontist.
Drag and Drop Website Builder